Regenwater
Druppelirrigatie aansluiten op de regenton: zo doe je dat
Druppelirrigatie aansluiten op een regenton? Ontdek welke materialen je nodig hebt, hoe je de juiste druk bereikt en waarom dit zo voordelig is.
Druppelirrigatie en een regenton: een slim duo
Een regenton biedt de ideale waterbron voor de tuin. Het water is zacht, vrij van chloor en perfect voor gevoelige gewassen in de moestuin of border. Door de regenton te koppelen aan een druppelirrigatiesysteem, geef je planten langzaam en gericht water precies bij de wortels. Het resultaat: minder waterverbruik, minder onkruid (je bevloeit alleen wat je wilt bevloeien) en gezondere planten. Maar hoe sluit je zo'n systeem aan, en waar let je op? In dit artikel lees je het stap voor stap.
Het sleutelprobleem: druk
De meeste irrigatiesystemen zijn ontworpen voor de druk van het drinkwaternet: gemiddeld 2 tot 4 bar. Een regenton werkt echter op zwaartekracht. De druk die je daarmee bereikt, hangt af van de hoogte van de ton en het gewicht van het water daarin. Bij een ton op de grond is de druk vrijwel nul. Zet hem op een platform van 50 centimeter, dan heb je al iets meer kracht.
Goed nieuws: druppelirrigatie is juist geschikt voor lage druk. Druppelslangen en drip-lines zijn ontworpen om te werken bij een fractie van de leidingdruk. Sommige typen druppelslang werken al bij een drukhoogte van een halve tot een meter water. Kijk altijd in de productspecificaties welke minimumdruk het gekozen systeem vraagt, en stel de plaatshoogte van de ton daar op af.
Wat heb je nodig?
1. De juiste druppelslang
De druppelslang vormt de kern van het systeem. Je legt hem langs plantenrijen, om potten heen of door bedden en het water druppelt langzaam via kleine openingen in de grond. Let bij de keuze op de doorstroomsnelheid per meter: een lagere doorstroomsnelheid is gunstig bij lage druk, omdat het water langer de tijd krijgt om gelijkmatig te verdelen. Bekijk het aanbod op de pagina drip-line voor passende opties.
2. Een filter
Regenwater bevat fijnstof, algenresten en kleine deeltjes die in de smalle openingen van druppelslangen terecht kunnen komen. Zonder filter zijn verstoppingen en uitval van druppelpunten een kwestie van tijd. Plaats altijd een fijn inline filter, bij voorkeur direct na de aftapkraan van de regenton. Reinig dit filter regelmatig, zeker na een periode van droog weer waarbij het water in de ton meer bezinksel bevat.
3. Koppelingen en afsluiter
Je hebt een passende afsluiter nodig op de uitvoer van de regenton en een koppeling om de druppelslang erop aan te sluiten. De juiste maat koppeling hangt af van de diameter van je druppelslang: 16 mm is de meest gangbare maat. Via druppelslangkoppelingen vind je het benodigde aansluitmateriaal. Let op dat je slangklemmen gebruikt die lekvrij aanspannen, zodat je geen water verliest buiten het systeem om.
4. Wel of geen pomp?
Of je een pomp nodig hebt, hangt af van twee factoren: de hoogte waarop je de regenton plaatst en de totale lengte van de druppelleiding. Bij een korte leiding en een ton op 80 tot 100 centimeter hoogte is een pomp vaak niet nodig. Wil je een grotere tuin of meerdere bedden bedienen, of staat de ton op de grond, dan helpt een kleine dompelpomp of regenwaterpomp de druk op peil te houden. Meer informatie hierover vind je in het assortiment voor regenwaterhergebruik.
Stap voor stap aansluiten
- Reinig de regenton. Verwijder blad, mos en vuil van de bodem en wanden. Zo begint je systeem schoon.
- Controleer de uitvoerkraan. Zorg dat de aftapkraan van de regenton goed sluit en vrij is van lekkage.
- Monteer het filter. Bevestig een inline filter direct op of na de kraan. Dit is de eerste en belangrijkste verdedigingslinie tegen verstoppingen.
- Sluit de druppelslang aan. Gebruik een geschikte koppeling om de slang op het filter of de kraan te verbinden. Controleer op lekkage.
- Leg de druppelslang uit. Begeleid de slang langs de planten of plantenrijen. Gebruik grondpennen om de slang op zijn plek te houden en sluit het einde af met een dopje.
- Verhoog de regenton indien nodig. Een stevige vlonder, pallets of een speciaal rek zijn geschikte platforms. Elke extra 10 centimeter hoogte vergroot de beschikbare druk iets.
- Test het systeem. Open de kraan langzaam en controleer of alle druppelpunten werken. Een druppelpunt dat droog blijft, wijst op een verstopping of een te lage druk op dat punt.
- Voeg een timer toe. Met een eenvoudige waterklok of een batterijgestuurde beregeningscomputer automatiseer je de watergift volledig.
Veelgemaakte fouten
- Geen filter plaatsen. Regenwater is nooit volkomen helder. Zonder filter raken druppelpunten snel verstopt.
- Te lange leiding bij te weinig druk. Hoe langer de leiding, hoe meer druk je verliest. Beperk de lengte of gebruik een pomp als de druppelpunten ongelijkmatig werken.
- Te snel openen. Open de kraan langzaam. Bij een bruuske start kunnen koppelingen losspringen of kunnen er luchtbellen in de slang komen.
- Vergeten af te sluiten als de ton leeg is. Een lege regenton zuigt lucht in het systeem, wat druppelpunten tijdelijk kan blokkeren.
Combineren met een beregeningscomputer
Wil je de watergift volledig automatiseren? Dan is een batterijgestuurde beregeningscomputer een handige aanvulling. Je stelt in hoe lang en hoe vaak het systeem water geeft, en de rest gaat vanzelf. Dit is met name handig tijdens vakantie of in droge periodes. Koppel de computer aan de uitvoer van de regenton, voor het filter, zodat de automatische sturing ook het filter meeneemt in de waterloop. Bekijk hiervoor de beregeningscomputers in het assortiment van Rabe Trading.
Conclusie
Druppelirrigatie aansluiten op een regenton is haalbaar voor bijna elke tuin of moestuin. Met een goede druppelslang, een eenvoudig filter en de juiste koppelingen bouw je een effectief systeem dat water bespaart en planten gericht bevloeit. Het sleutelpunt is de druk: zorg dat de regenton hoog genoeg staat, of gebruik een kleine pomp als de afstand groter is. Bij vragen over de juiste onderdelen helpt Rabe Trading je graag verder. Bekijk het volledige druppelirrigatie-assortiment in de webshop.