Connecto PVC uitloop voor lijngoot
Met de Connecto PVC uitloop sluit je een lijngoot aan op de ondergrondse hemelwaterafvoer. Je kiest e...
Alles wat regenwater van het dak naar de bodem of het riool brengt: dakgoot in zink en PVC, regenpijp in 80 en 100 millimeter, afvoergoten voor inrit en terras, en infiltratiekratten voor wie het water op eigen terrein moet verwerken. Zink en PVC vragen daarbij een andere aanpak. Zink wordt gesoldeerd of gefelst en gaat decennia mee, PVC klik of lijm je en is een stuk lichter te verwerken. Wat je ook kiest, houd rekening met uitzetting, want een goot van tien meter wordt op een warme dag merkbaar langer en moet ergens kunnen bewegen. Hieronder staat het assortiment verdeeld naar materiaal en naar de plek in de afvoer, van goot en pijp tot beugel, goot in de grond en infiltratie.
Met de Connecto PVC uitloop sluit je een lijngoot aan op de ondergrondse hemelwaterafvoer. Je kiest e...
De Connecto PVC zandvanger wordt direct onder de afvoergoot geplaatst en houdt zand, bladresten en an...
Met het Connecto onzichtbare rooster werk je een lijngoot af als een smalle sleuf tussen de tegels. H...
De Connecto PVC eindkap sluit het einde van een lijngoot af wanneer daar geen uitloop nodig is. Zo bl...
Het Connecto PP opzetstuk maakt van een passende afvoergoot een smalle, vrijwel onzichtbare sleufafvo...
Deze complete Connecto lijngoot heeft een polypropyleen onderbak en een polyamide maasrooster. Het op...
De Connecto lijngoot met PP designrooster is een complete afvoergoot voor plaatsen waar regenwater we...
De Connecto lijngoot met gegalvaniseerd sleufrooster voert regenwater gecontroleerd af langs een terr...
Met de Connecto lijngoot onderbak bouw je een afvoergoot met een rooster of opzetstuk dat past bij de...
Begin bij de goot. Hangt hij in het zicht en wil je dat het mooi blijft, dan is de zinken dakgoot de klassieke keuze, met een matgrijze patina die het materiaal zelf beschermt. Leg je hem liever zelf zonder soldeerbout, dan werk je met de PVC dakgoot in het S-lon systeem, waarbij de delen in elkaar klikken of gelijmd worden. Daaronder komt de regenpijp met zijn bochten, verloopstukken en uitlopen, en die zet je vast met beugels en klemmen. Reken op een beugel per twee meter en dichter bij een bocht, want een pijp die los hangt gaat klapperen bij wind en trekt zijn eigen verbindingen uit elkaar.
Aan de voet van de pijp splitst het zich. Gaat het water het riool in, dan sluit je aan op afvoer en riolering en vang je het op in een put of kolk. Loopt er water over de verharding, bijvoorbeeld bij een inrit of een staldeur, dan onderschep je dat met een afvoergoot of lijngoot, waarbij de verkeersklasse van het rooster bepaalt wat eroverheen mag rijden. Vraagt je gemeente om hemelwater op eigen terrein te verwerken, dan gaat het naar infiltratiekratten die onder de grond een buffer vormen die zich langzaam leegt. Wil je het water juist bewaren en hergebruiken, kijk dan bij regenwater hergebruiken en de bijbehorende regenwaterpompen.
Regenpijp gaat in Nederland vrijwel altijd in 80 of 100 millimeter. Meet de bestaande pijp aan de buitenkant, want een paar millimeter verschil betekent dat de mof niet past. Hoeveel doorlaat je nodig hebt volgt uit het dakoppervlak dat op die pijp afwatert. Bij grote schuur- en staldaken loont het om liever een maat ruimer te gaan dan net aan. Twijfel je over gootprofiel, maat of de aansluiting op wat er al ligt? Geef je dakoppervlak en de maat van de bestaande goot of pijp door, dan denken we mee.
Meer in Hemelwater & dakgoot