Sproeiers
Hoeveel sproeiers kan ik op mijn beregeningspomp aansluiten?
Het aantal sproeiers per pomp bepaal je door het waterverbruik van de sproeiers op te tellen en te vergelijken met de pompcapaciteit bij werkdruk. Zo reken je het uit.
Hoeveel sproeiers je op een pomp kunt aansluiten, hangt af van twee dingen: de capaciteit van de pomp bij werkdruk en het waterverbruik per sproeier. Als vuistregel: tel het verbruik van alle sproeiers in één groep op en blijf onder ongeveer 80% van wat de pomp bij 3 bar levert. Hieronder reken je het stap voor stap uit, met een tabel van de meest gebruikte sproeiertypen.
Stap 1: bepaal het verbruik per sproeier
Het verbruik staat in de specificaties van de sproeier of nozzle en verschilt sterk per type. Houd als richtlijn aan:
| Type sproeier | Verbruik per stuk | Typisch bereik |
|---|---|---|
| Spray-nozzle | 200–500 l/uur | 2–5 m |
| Pop-up rotorsproeier | 350–850 l/uur | 5–12 m |
| Turbine-/sectorsproeier | 1.000+ l/uur | 10–20 m |
| Rondsproeier | 400–1.200 l/uur | 6–15 m |
Let op: bij rotorsproeiers bepaalt ook de gemonteerde nozzle het verbruik. Dezelfde sproeier kan met een kleine nozzle de helft minder water vragen — handig wanneer je net niet uitkomt met je pompcapaciteit.
Stap 2: lees de pompcurve, niet de doos
Een pomp levert minder water naarmate de tegendruk hoger is. De “4.000 liter per uur” op de verpakking geldt bij 0 bar — een situatie die in de praktijk nooit voorkomt. Kijk daarom in de pompgrafiek naar de opbrengst bij je werkdruk, meestal 3 à 4 bar voor pop-ups. Levert je beregeningspomp bij 3 bar bijvoorbeeld 3.000 liter per uur, dan kun je veilig zo'n 5 tot 6 rotorsproeiers van 400 liter per uur in één groep laten draaien.
Stap 3: reken een marge voor drukverlies
Tussen pomp en sproeier gaat druk verloren in leidingen, bochten, kranen en filters. Vuistregels:
- Houd 0,5 tot 1 bar marge aan bovenop de gewenste sproeierdruk.
- Een hoogteverschil van 10 meter kost 1 bar.
- Hoe langer en dunner de leiding, hoe groter het verlies: houd de hoofdleiding ruim, bijvoorbeeld tyleen 32 of 40 mm, en gebruik passende koppelingen.
- Beperk het aantal bochten en T-stukken in de hoofdleiding waar het kan.
Meer sproeiers nodig? Werk met groepen
Past niet alles in één groep, verdeel de sproeiers dan over meerdere zones met magneetventielen en een beregeningscomputer. De zones draaien dan na elkaar, zodat elke groep de volledige pompcapaciteit en druk krijgt. Een verdeelstation houdt de ventielen overzichtelijk bij elkaar en maakt onderhoud eenvoudig.
Praktisch voordeel: met zones kun je ook per deel van de tuin doseren. Het gazon heeft vaker water nodig dan een border met vaste planten; met twee aparte groepen geef je elk deel precies wat het vraagt.
Voorbeeld: complete installatie doorgerekend
Een tuin met 12 rotorsproeiers van 450 l/uur en een pomp die 2.800 l/uur levert bij 3,5 bar. In één groep zou dat 5.400 l/uur vragen — veel te veel. Verdeel je de sproeiers over drie zones van vier (4 × 450 = 1.800 l/uur), dan zit je per zone ruim binnen de 80%-vuistregel (2.240 l/uur) en houdt elke sproeier een strak sproeibeeld. De beregeningscomputer laat de drie zones 's ochtends na elkaar draaien.
Signalen dat er te veel sproeiers op één groep staan
- De verste sproeier komt niet meer omhoog of draait niet rond.
- Het bereik is zichtbaar kleiner dan opgegeven; er ontstaan droge plekken.
- De pomp blijft op vollast draaien zonder de einddruk te halen.
Herken je dit? Verdeel de groep in tweeën of monteer kleinere nozzles. Lees ook ons artikel over sproeiers afstellen voor een gelijkmatige waterverdeling, of bekijk de beregeningspompen wanneer de pomp zelf de beperkende factor is.